Hanzehogeschool

De eerste opdracht voor de Eland was er meteen een voor drie weken, in Groningen maar liefst. Er kwam dus logeren bij kijken en de aanschaf van een auto. Met steun van de door mij beminden kwam dat alles soepel voor elkaar en toog ik  op een maandagochtend naar de Hanzehogeschool.

Daar is een hoop veranderd sinds ik er voor het laatst was, zo’n tien jaar geleden. Tot mijn ontzetting bleek er een enorme campus te zijn verrezen, met torenhoge gebouwen en slagbomen. De bijbehorende parkeerterreinen zijn er genummerd, net als op Schiphol. P4 was onvindbaar. Toch moest ik daar zijn, volgens mijn instructies en dus was het maar goed dat ik een half uurtje extra had genomen. Ik raak in de war van zulke plekken. Ook van parkeergarages, overdekte winkelcentra en Ikea.

Ook het gebouw bleek voorzien van windrichtingen, in combinatie met cijfers. Mijn kompas bood hier geen uitkomst, want Zuid bleek helemaal niet in het zuiden te liggen, het was maar een aanduiding. Uiteindelijk helpt in zulke omstandigheden nog steeds alleen maar, heel ‘old school’, de weg vragen aan een persoon. Dat is nog gezellig ook. Eenmaal in de juiste vleugel en op de juiste verdieping beland liep het verder gesmeerd. Ik had mij hevig voorbereid, zoals ik dat vroeger ook deed. Alle cases kende ik nagenoeg uit mijn hoofd en ook de criteria waarop de studenten beoordeeld zouden worden. Het ging hier namelijk om examens, op de ‘Hanze’ ‘proeves’ geheten.

Het woord ‘proeves’ geeft mij een associatie met Harry Potter. Dat je iets gevaarlijks hebt geleerd en dat het er dan nu op aankomt. Zo bleek het ook een beetje te zijn. De materie was geenszins veranderd. Het is nog steeds belangrijk om in selectie-, verzuim of adviesgesprekken structuur te kunnen aanbrengen, samen te kunnen vatten en bovenal goed te kunnen luisteren, zeker wanneer je Human Resource Management studeert.

De omstandigheden waren onvergelijkbaar met die van vroeger. De proeves moesten binnen een half uur geschied en beoordeeld zijn, de studenten stonden klappertandend van de spanning op de gang en de beoordelingsformulieren waren voorbedrukt, zodat er sprake kan zijn van een objectieve beoordeling, aangezien alle docenten dezelfde formulieren hanteren.

Zijn we niet wat doorgeschoten? 
Natuurlijk is het nog steeds zo dat de ene docent anders kijkt, anders doceert en anders beoordeelt dan de andere. Alleen is dat met deze algemene criteria in de hand onbespreekbaar geworden. Het is ook nog steeds zo dat de ene student harder werkt dan de andere, sympathieker is dan de andere, socialer is dan de andere.. Is dat eigenlijk erg? Wat is het nut van dit tijdsschema, van deze formulieren?

Wanneer je doorvraagt op deze zaken is het antwoord uiteindelijk: geld! Door zoveel mogelijk dingen te standaardiseren en het tempo op te schroeven hoopt men er financieel beter uit te komen. Daar eindigt het gesprek, want dat er bespaard moet worden is evident. Zelfs op een school. Wat leren wij onze jongeren eigenlijk op die manier? Dat geld alles rechtvaardigt? Willen we dat wel?

Gelukkig is nog steeds het merendeel van de docenten op de Hanze grenzeloos betrokken bij zijn of haar studenten. Dat betekent meteen dat ze heel hard moeten werken, want alle dingen die ze extra willen doen omdat een bepaalde student dat nodig heeft, moet in hun eigen tijd. De eland ziet mogelijkheden: acteursinzet in de lessen kan verlichting geven voor de docenten, bereidt studenten beter voor op hun ‘proeves’ en laat ze het effect van hun communicatie ervaren zodat ze ervan kunnen leren voordat ze erop beoordeeld worden.

De meeste docenten zien er wat in. Ook de mevrouw van het lectoraat Human Capital. Ze gaan proberen het erdoor te krijgen bij de mensen die er voor betaald worden om op de portemonnee te blijven zitten..

De eland gaat ervoor!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *